Het project

Binnen het project ‘Samen werken aan Bèta Burgerschap’ werken vijf bedrijven (Machinefabriek Boessenkool, VDL Enabling Technology Group en URENCO, Techniek Museum Hengelo (HEIM), WETSUS, Lectoraat Waterschap, acht PO en drie VO scholen, Saxion Hogescholen en de Universiteit Twente aan een programma van leeractiviteiten bèta en techniek.

tn3_436

Het is een bèta en techniek-programma dat niet alleen beroepsvoorbereidend is, maar ook burgerschapsvormend. Het is ontwikkeld op basis van vier principes, afkomstig uit het promotieonderzoek van Laurence Guérin:

  1. Het oefenen en ontwikkelen van argumentatievaardigheden
  2. Het verbinden van verschillende perspectieven (netwerk leren)
  3. Het leren groepsgewijs beslissingen nemen
  4. Het leren samen denken.

In de te ontwerpen leeractiviteiten ontwikkelen leerlingen hun bèta burgerschapscompetenties waaronder bètageletterdheid (scientific literacy) door groepsgewijs maatschappelijke technologische vraagstukken (socio-scientific issues) op te lossen. De vraagstukken zijn de kern van authentieke leertaken in de klas en buiten school, bij bedrijven en/of maatschappelijke instellingen. De programma’s wisselen leertaken die op school worden uitgevoerd, af met leertaken die in de bedrijven en/of maatschappelijke instellingen worden uitgevoerd, waardoor bedrijven en scholen een geïntegreerde en gevarieerde leeromgeving vormen. Zodoende leren leerlingen de relevantie van bèta en techniek, maar ook de maatschappelijke relevantie van techniek.

In het project leren leraren om zulke leeractiviteiten te ontwikkelen, uit te voeren en te evalueren. Leraren professionaliseren zich door vaardig te worden in het toepassen van de nieuwe aanpak en in het begeleiden van het leerproces van de samenwerkende leerlingen met gebruik van training en video coaching. In tweetallen ontwikkelen leraren de leeractiviteiten afgestemd op de bedrijven en instellingen en in teams (PO/VO) geven ze elkaar feedback, zowel inhoudelijk als op de gebruikte didactiek. Tijdens de implementatie van de lessen monitoren de leraren en de bedrijven en instellingen de werkbaarheid van de leeractiviteiten om het programma van leeractiviteiten gaandeweg te verbeteren.